Het adellijk geslacht Van Waanskinderen te Kloetinge

 

1. Jan N.

Zijn zoons waren in de eerste helft van de 14de eeuw ambachtsheren te Kloetinge, Sinoutskerke en Baarsdorp; hun ambachtelijk bezit in de parochie van Kloetinge omvatte een kleine 700 gemeten (ongeveer 275 ha), bijna 20% van de totale oppervlakte van de parochie.

  1. Clays Jans (volgt 2)
  2. Simon Jans
  3. Gheerolf Jans
  4. Willem Jans

2. Clays Jans, overl. voor 1356.

In 1341 werden open brieven van Heer Jan van Beaumont verzonden naar “Clais Jans s. kindere van Cloetinghe ende ane ander lude, die den dijc van Mannee ane ghevaert hadden” met het verzoek om alle “ghesworne bewesten Yerseke in Zuutbeveland” naar Middelburg te laten komen. Hieruit kunnen we afleiden dat er bij Mannee in die tijd een haventje was.

Gezworenen waren door de dijkgraaf gekozen ambachtsheren en vormden in Zeeland samen met en onder leiding van de dijkgraaf het landsheerlijk dijkbestuur. Als beloning gold voor elk een lastenvrijstelling tot 40 gemet.

Hij deed in 1350 ten behoeve van de priorin en konvent van het klooster van Biezelinge afstand van zijn rechten op 1½ gemet land (0,6 ha) ten zuiden van het oude werfje in Cloetinge-ambacht achter Riethoek, indertijd door wijlen zijn tante jkvr. Cateline Colijns uten Poele (ook wel Van Baarsdorp) geschonken aan het klooster en in gebruik gegeven aan Colijn Pieterssone, en op alle andere goederen die zijn voorouders aan het klooster hadden geschonken. Catelins Colijns wordt in de overgeleverde bronnen ook een keer Katrina van Waanskinderen genoemd en Colijn Pieterssone was een zoon van haar broer Pieter Colijns van den Brayne.

In 1353 werd hem door de Grafelijkheid van Zeeland commissie verleend als bewaarder van het huis te Cloetinge. Hoogstwaarschijnlijk stond dit huis op het Steenhof ten noordoosten van het Marktveld, oftewel het neerhof ten noordwesten van de bijbehorende motteheuvel ’t Wal. Van deze motteheuvel ten oosten van het Marktveld is bekend dat zich daarop in het midden van de 17de eeuw nog steeds een Middeleeuws torentje bevond.

  1. Dierc Clays (volgt 3)
  2. Jan Clays Janssoon van Cloetinge, in 1352 benoemd tot hoofdman over Sinoutskerke, ’s Heer Abtskerke en ’s Heer Hendrikskinderen

3. Dierc Clays, overl. voor 1381.

Hij droeg in 1356 zijn eigen huis geheten het Steenhuis van Cloetingen, gelegen binnen de voorste grachten (i.e. de poortgracht), op aan hertog Willem V en kreeg het in erfleen terug.

  1. Clays Diercx (volgt 4a)
  2. Gillis Diercx (volgt 4b)
  3. Willem Diercx (volgt 4c)

4a. Clays Diercx, overl. voor 1430.

  1. Gillis Clays (volgt 5)
  2. Oolaut Clays

4b. Gillis Diercx, overl. voor 1430.

  1. Cornelis Gillis
  2. Pieter Gillis
  3. Dirc Gillis
  4. Oalaert Gillis
  5. Willem Gillis, pachter van drie hofsteden te Cloetinge in 1462

4c. Willem Diercx, overl. voor 1430.

  1. Cornelis Willems, overl. voor 1452
  2. Dierc Willems, overl. voor 1430

5. Gillis Clays Diercx tr. Lysbet.

Hij verkocht in 1453 een omgracht kasteeltje met aangrenzende hofsteden, gelegen binnen de poortgracht van Kloetinge en daarbuiten, welke hij en zijn voorvaderen, heren tot Waanskinderen, bezeten en gebruikt hebben, aan Hendrik II van Borsele, heer van Veere.

In 1461 werd hij vermeld als een der mannen der grafelijkheid van Zeeland.

 

Zegel van Gillis Claes Diercx (Zeeuws Archief)


De loop van de Middeleeuwse poortgracht om het dorp Kloetinge

H = De Hemberg (motteheuvel, hoogwerf)

N = Het Noordhof (omgrachte middeleeuwse hoeve op een vroone van 150 roeden)

S = Het Steenhof (het neerhof van motteheuvel het Wal)

W = Het Wal (motteheuvel, hoogwerf)

 

Contact: egbert.lantinga@wur.nl


 

 

 



 



Deze site is gratis gemaakt met Webklik.nl